Is dit alles? oehoehoehoe….

In de jaren 80 had de band Doe maar een liedje met de titel “Is dit alles?” En als kind blèr je natuurlijk ieder liedje luidkeels mee maar denk je niet na bij wat je eigenlijk zingt. Sterker nog, meestal zing je maar wat fonetisch mee en roep je maar wat. Het gaat meer om de melodie en de klanken dan om de teksten die gezongen worden. 

Aan die tijd is niks verandert, al heb ik soms het idee dat een tienjarige nu beter weet hoe je engelse woorden uitspreekt dan dat wij dat deden. Met dank aan alles waar een oplader aan hangt: ik zeg YouTube, Ipads, iPhones en weet ik veel wat meer.

Ik lag net even lang uit op de bank, vijf minuten lang om precies te zijn en ik dacht, kom op, doe eens een mediteer poging. Laat gaan wat komt en haal diep adem. Nou dat werd dus niks want ik zit nu hier en de enige die het wel lukt om rustig te liggen is de hond. Ik niet. Want ik bedenk opeens van alles, spring van die bank af en ga zitten om op te schrijven wat ik terstond bedenk.

Ik dacht aan de naaimachine die ik vandaag of morgen weer op kan halen. Hij was al een jaar stuk ofzo en ik bedacht vier weken geleden (daar komt ie dus), víer weken, dat hij maar eens toe was aan een herstelreparatie. En dus bracht ik het ding weg en dacht ik nog, ‘zo, vier weken! Ze hebben het zeker druk hier!’ En nu, ik heb een paar keer met mijn ogen geknipperd en die vier weken zijn voorbij.

En wat voor hilarische, spannende, opwindende dingen zijn er precies gebeurd in deze laatste vier weken? Niets. Niente. Nada, nakkes. Geen enkel spannend ding. Nou vooruit ik heb het schrijven weer opgepakt maar om dat nou spannend en opwindend te noemen? Dat vind ik ook wat teveel gezegd. Maar vier weken voorbij die nooit terug komen… ik vind dat best een dingetje.

Herken je dat gevoel? Het “is dit alles, ahahahaaaa” gevoel? Dat je denkt: “nou, dit is dus mijn leven. Ik sta op, ik douche, ik poets mijn tanden, ik eet, ik sport, ik werk, ik check mijn telefoon duizend keer per dag, ik was, ik strijk, ik maak schoon, ik doe de was, ik kook weer eten voor iedereen, ik doe de boodschappen en ik ga weer op bed”. Dat dus. Dat leek mijn leven in een paar bij elkaar geharkte woorden die zo in me op komen.

Wat ik geleerd heb in de afgelopen jaren, is dat de enige manier om je tijd langzamer te doen gaan, is alles ‘uit’ te zetten en jezelf in de sluimerstand. Daarmee bedoel ik: in eerste instantie je telefoon aan de kant gooien, jezelf op non actief zetten op elk social media kanaal en de uitdaging aangaan je schermtijd op nul te krijgen. Een telefoontje plegen mag maar je mag niet op je mobiel gaan zitten scrollen. Echt dingen doen, bewust, je focus verleggen.

Zo af en toe doe ik dat dus ook. Meestal op momenten zoals nu wanneer ik me realiseer dat ik veel te veel tijd spendeer aan iets wat me niks geeft. Geen energie in elk geval. Maar dat schrijvende, dat is toch rete debiel? Want het gevoel wat het me oplevert is een gevoel dat alles voorbij zoeft en dat ik aan de zijlijn sta toe te kijken. En daar hou ik dus he-le-maal niet van.

Het is trouwens ook een heel naar gevoel. Zo’n “is dit alles gevoel”. En af en toe, op een moment van (een kinderachtig) mens zijn, dan denk ik: “nou dit is dus het leven. Ik kan dat rete grote huis wel op mijn buik schrijven, die joekel van een auto wordt ook niks en ik ben alles schijtzat.” Of dat nou een moment van enorme ontevredenheid is of een enorme kinderachtige instelling weet ik dan even niet maar dat mijn onvrede begint te borrelen merk ik dan wel.

Waar ik me terdege bewust van ben is dat het een hele zinloze bezigheid is. Eentje waarvan je je niet echt vrolijk gaat voelen omdat elke gedachte kant noch wal raakt. Het zijn gedachten waar je niks mee kunt omdat ze feitelijk niets inhoudelijks betekenen. Het zijn lege gedachten en zeggen meer over je mindset dan over feiten.

De feiten zijn namelijk zo: ik ben een kerngezond mens met kerngezonde kinderen en een kerngezonde man en hond. Ik heb een eigen bedrijf waar ik met plezier alles doe wat ik leuk vind. We wonen een een fijn huis waarvan we al twintig keer hebben gedacht: we gaan het verkopen maar waarbij ik degene ben die steeds de kont dichtknijpt omdat ik het er zo naar mijn zin heb. Ik doe en laat waar ik zin in heb en hoef aan niemand verantwoording af te leggen. We hebben de rijkdom de kinderen groot te brengen in een veilige omgeving en ze te geven wat ze nodig hebben. Mijn man en ik vinden elkaar nog steeds leuk. Behalve soms dan. Soms niet. Tot zover de feiten. Er is gebrek aan niets. 

Of nou ja, er is wel een gebrek, maar die is niet in geld uit te drukken. Dat is een gebrek aan mindset. En dat lieve mensen, is iets wat veel meer kost dan geld. Dat kost namelijk inspanningen. Dat kost bereidheid om te kijken naar jezelf, naar hoe je tegen de dingen aankijkt. Want als je ziet wat er wél is in plaats van kijkt naar wat er niet is (in jouw beleving tenminste) dan is het vaak anders dan je dacht.

Toch is het een herkenbaar fenomeen: dat “ is dit alles gevoel”. Ik heb er al zoveel mensen over gehoord. Meestal ontwikkelt het zich ook pas wanneer je iets ouder bent dan student of kind. Het is een gevoel wat de kop opsteekt wanneer je voelt dat de tijd niet langer te sturen lijkt. Dat je soms verzuipt in de regelmaat en in de routines- al klkjnt dat ook wat tegenstrijdig wanneer je weet dat juist de regelmaat en de routines zorgen voor balans en stabiliteit. 

Maar het zijn ook niet je kinderen die dit gevoel delen; het is degene die alle ballen in de lucht probeert te houden en daar wel eens heel moe van is. Die is het af en toe gewoon even beu en zoekt dan naar een ontsnaproute. Een uitweg om er even tussenuit te glippen.

Aan mezelf merk ik vooral de laatste weken dat ik in de avond moe ben. En met moe bedoel ik dan: geen zin meer om een discussie te voeren, op een schoon bed te willen kruipen en te slapen. Zoals ik gisteren tegen mijn man zei: ik heb wel eens het gevoel dat we nu in een fase belanden waarbij we vooral uitkijken naar het moment op bed te stappen dan naar het moment weer op te staan. Dat is toch stom?! We zijn notabene gezonde veertigers!

Maar eigenlijk is dat nog iets genuanceerder; de tijd dat je even alleen bent is gewoon lekker af en toe. En hoe vermoeider je je voelt, hoe meer je het nodig hebt om je batterij weer op te laden. Het is eigenlij heel logisch dat je dan soms het gevoel overvalt van het liedje van Doe maar 😉 Want als  er voor je gezorgd wordt, zoals jij voor anderen zorgt, dan voel je je als een vis in het water. Dan heb je alle tijd en mogelijkheden om te zijn en te worden wie je wilt. En dat is precies goed.

Wanneer je in een bepaalde sleur belandt (een ander woord weet ik even niet) dan geeft dat automatisch een onhebbelijk gevoel. Niet alle mensen zijn gemaakt voor sleur. Maar zoals ik al zei, wat voor ons af en toe een sleur is, is voor onze kinderen waarschijnlijk vooral heel prettig en stabiel; dat maakt het ook niet persé slecht of verkeerd al ervaren wij dat wel zo. Liggend op een bank, ons leven overdenkend…

Het is dan juist zo’n uitdaging om je niet te laten verleiden tot gedachten die je niets brengen. Omdat je ze gewoon even niet helder meer ziet. 

Alles op een rijtje zettend, ja, dit is alles. Dit is het leven. Dit is míjn leven. Ik leef niet in Hollywood en heb geen miljoen op de bank. Ik doe geen boodschappen aan de Kalverstraat en kleed me niet in Chanel. Wel heb ik een concreet idee over mijn mooiste leven. Het gekke is, dat ik al verdacht dicht bij dit mooiste leven zit..!  Hoe kan het dan dat je daar zo makkelijk aan voorbij gaat en je kunt verliezen in het gevoel dat je niet altijd de hoofdrol hebt in je eigen film?

Het antwoord hierop is simpel denk ik: we zijn mensen. En mensen zijn in staat zich heel makkelijk op-te winden en vinden het wat lastiger weer af- te winden 😉 Dat maakt dat ze zich dan kunnen verliezen in gedachten die soms een eigen leven gaan leiden en te vergeten hoe het ook alweer écht zit. 

Even pas op de plaats blijkt zoals ik het al eerder zei dan toch zo gek niet. En opschrijven wat je écht anders wilt en daar een plan voor gaan trekken ook trouwens. Want het leven is meer maakbaar dan je denkt of wilt geloven. Dat is echt zo. De weg van de minste weerstand is geplaveid maar verandering kost meer inspanningen dan alleen de wens natuurlijk. Een vallende ster verandert niks. En een geplaveide weg is al zowaar belopen dat het eigenlijk niks verandert als je hem bewandelt.

Kort samengevat in iets meer dan 1600 woorden: life can be a bitch but don’t have to be one. En was ik wat langer op de bank blijven liggen dan had ik deze hele zingeving toch maar weer gemist!  I rest my case … 🙂