Nossa, Nossa lalalalalalala!



 Luidkeels zingend zat ik vanmorgen in de auto naar het werk. Het liedje van Meghan Trainor galmde door de defecte speakers waardoor een schel geluid mijn net ontwaakte oortjes streelde. Nou weet iedereen wel hoe een ochtendzangstem ongeveer klinkt (denk in de trant van een kraai) maar dat kon mij niet deren. 
“If you got beauty beauty just raise ‘em up – ‘Cause every inch of you is perfect From the bottom to the top” schreeuwde ik zo hard ik kon. Zo ongeveer het leukste stukje van het liedje. Ik remde af voor de rotonde, schakelde terug, keek opzij en zag daar een groepje jeugd zeer verschrikt bij de bushalte staan…
Echter, zij waren niet de enigen die verschrikt keken. Ze zagen en hoorden mijn luidruchtige ‘oenkie boenkie’ auto waarschijnlijk al van verre aan komen en eenmaal dichterbij zagen ze me helemaal opgaand in de lyrics met wijd opengesperde mond meezingen. Ja kijk, als je het doet, probéér dan in elk geval goed mee te doen is mijn motto.
Toen een paar jaar geleden Idols een hit was ging keek ik net als de rest van Nederland beschaamd naar diverse deelnemers bij het aanschouwen van alle deelnemers. Het keiharde jury-commentaar was dan ook vaak meedogenloos. Gek genoeg hadden veel deelnemers niet genoeg zelfkennis en auditeerden zich vreselijk vals een slag in de rondte.
Stiekem zag ik mezelf daar ook staan. En het idee ontdekt te worden was natuurlijk iets ultiems. Klein puntje van aandacht, ik kon en kan, net als vele deelnemers van dit soort shows, nog steeds niet zingen. Als ik, heel vroeger, op mijn kamertje met Madonna mee zat te blèren schreeuwde pa altijd naar boven of d’r soms een kat vermoord werd. Ik bedoel maar.
Hoewel je jezelf uiteindelijk best bewust bent van je talentloze stemgeluid blijft het leuk om (als niemand kijkt of luistert) uit je dak te gaan van een mooi muziekje. Ik zeg nadrukkelijk, als niemand me hoort (of ik denk dat niemand het hoort) want het idee iemand onder ogen te komen die mij net heeft horen ‘kraaien’ lokt mij niet bepaald aan. Zelfs het “Sinterklaas Kapoentje’-  zingen met de kids doe ik in een hermetisch afgesloten ruimte, alleen, omdat dit een noodzakelijk kwaad is…
Tijdens het sporten heb ik ook altijd een muziekje op. Op een of andere manier ben ik ervan overtuigd dat het allemaal net iets beter wil met een leuk deuntje wat mijn oren ingaat. En als het muziekje opzwepend genoeg is bega ik dan nog al eens de fout heupwiegend op een toestel te swingen. Dom,dom,dom. Dat is dan dus weer het gevaar van een moderne‘walkman’. Want hoe lijp zie je d’r uit als niemand jou muziekje hoort en je tegendraads op de reeds aanwezige muziek (uit de bestaande stereo) staat te bewegen…
Juist. Punt duidelijk. Oppassen dus. Nog gevaarlijker is het om mee te gaan zingen. Jij hoort jezelf niet maar een ander des te beter. Als het dan ook nog één of ander muzikaal nummer in een andere taal betreft die jij he-le-maal niet spreekt (in mijn geval Ai se eu te pego – alias Nossa-  van Michel Telo) en dus fonetisch meezingt, sta je nog veel meer voor aap. Combineer je foute danspasjes met een niet te verstaan gebrabbel en tel je winst maar uit…
Maar goed, van fouten leert men meestal en voortaan doe ik het dus veilig en playback ik slechts. Dat is minder risicovol dat luidop. Bovendien spaar ik ieders gehoor door zo stilzwijgend mijn schema af te werken. Een win-win situatie dacht ik zo. Nadeel aan dit alles is dat ik regelmatig aangesproken wordt zonder dit te horen. Ik zeg, tijd voor een LOI’tje gebarentaal! (of misschien wat vaker mijn muziekje afzetten…?)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s