Thuiskomen

Gisterochtend nam ik de hond mee uit wandelen. Al lijkt het er vaak meer op dat zij mij mee uit neemt, maar dat geheel terzijde. Ik liep door het dorp. Langs de huizen, langs braakliggende stukjes grond, langs de slager en langs de kerk. Door alle vallende herfstblaadjes slenterde ik voort en snoof de lucht van de herfst op. Lekker.

Mijn oog viel op gevallen kastanjes. Gesprongen stekelige jasjes en diepbruine glanzende kastanjes waar de grond mee bezaaid lag. En ik vroeg me af, “hoe lang liggen jullie hier al??” Want de gedachte die door me heen ging was er eentje van ongeloof. Hoe kan het dat er zoveel seizoenen aan me voorbijtrekken zonder dat ik ze bewust opmerk?

Hoe lang is het geleden dat ik ze zocht? Die kastanjes. Hoe lang is het geleden dat ik er een spin van maakte, diertjes van knutselde en satéprikkers op stuk stak? Dat ik de zakken met uiteindelijk verschimmelde kastanjes in de kliko kieperde en herfsttafels opruimde? Dat ik met de kinderen knutselde, zocht naar paddenstoelen en me middenin het seizoen bevond?

Dat is toch een merkwaardige gewaarwording. Dat het dus mogelijk is om de tijd door te vliegen en het woord bewustwording een heel andere lading heeft gehad dan daarvoor. Ik was me heus wel bewust. Bewust van andere zaken. Bewust van op dat moment belangrijkere dingen. Bewust van dingen die ik prioriteit gaf. Bewust met mezelf en vergetende welke seizoenen er allemaal plaatsvonden en, zoals elk seizoen, voorbijtrokken.

Al die kastanjes die al gevallen zijn en die niet langer opgemerkt werden. Elke keer dat ik erdoorheen stampte en aan andere dingen dacht. Al die keren dat je door de natuur geraakt kunt worden maar dat dat niet gebeurt omdat je verstand ergens anders uithangt.

Maar gisterochtend, gisterochtend nam ik ze dus wel op. En ik genoot ervan. Het was een moment van zingeving, een tel dat ik me ‘bewust werd van’.  Je kunt verandering niet altijd voorkomen maar je kunt wél stilstaan bij bewuste verandering. Want verandering komt meestal wanneer je het niet ziet aankomen maar er wel klaar voor moet zijn of anders wel voor wordt.

De route was nog maar net begonnen toen al deze gedachten door me heen flitsten. En hoewel ze alweer 350 woorden tellen, deze gedachten, vonden ze allemaal plaats in korter dan een paar seconden. Bijzonder is het niet? De snelheid van onze gedachten. Als ik net zo snel kon typen als dat mijn gedachten gaan dan had ik al wel duizend boeken kunnen schrijven 😉

Gedachten zijn meestal de eerste aanzet om je zo’n verandering te doen doormaken. Of om te kiezen voor verandering. Het is het opmerken van dingen die je liever anders zou doen of zou zien. En de vraag wat jouw aandeel hierin kan zijn. Het is het gemis van iets wat je graag terug zou willen en de vraag hoe je iets terug kunt halen wat buiten je bereik lijkt te zijn. Niet letterlijk natuurlijk, want iets of iemand wat verdwenen is kun je niet terug toveren, maar bepaalde gevoelens of gemoedstoestanden kun je best wel terughalen.

Terwijl ik zo doorliep langs sloten die nog stampvol riet zaten en waarop afgelopen winter lekker geschaatst werd en met sleetjes van de wal af gezoefd werd, realiseerde ik me in wat voor dorp ik eigenlijk woon. Want ik woon in een dorp dat alles biedt wat je je kunt wensen. Winkels, kappers, slagers, apotheek, dokter, de hele Santekraam. Er ontbreekt werkelijk niks waar je niet zonder kunt of wilt. Je kunt er met gemak tweehonderdtachtig worden want aan de voorzieningen ligt het niet zeg maar.

En toch, toch heb ik nog nooit het gevoel gehad dat het ‘mijn dorp’ was. Dat ik er het grootste gedeelte van mijn leven heb gewoond maakt daarin niet uit. Het dorp waar ik geboren ben en tot ongeveer mijn elfde heb gewoond blijft op een of andere rare manier mijn oorsprong. Mijn allermooiste herinnering. Daar waar ik het aller, allergelukkigst ben geweest in mijn kindertijd.

Maar hoe zonde is het wanneer je dat wat je NU hebt niet op waarde lijkt te schatten? Doodzonde als je het mij vraagt. Want zo trekt er zoveel aan je neus voorbij dat wanneer de situatie ooit anders zou worden je pas weet wat je mist. Denk ik…

Nou is het zo, dat toen ik hier kwam wonen samen met mijn ouders en mijn broer, dit dorp haaks stond op het dorp waar ik vandaan kwam. Zoals overal werd er niet bepaald positief gepraat over naast- of verder gelegen dorpen. Dat begon al met de kerkgangers. Er is geen dorp of stad gelijk aan elkaar ben ik achter en iedereen vindt overal van alles van elkaar.

Ik kwam van de Klei en ging naar de Wouden. Van ‘Klaaiklût’ naar “Wâldpyk”. Zoiets.  En daar werd van alles van gevonden. Vooral door ouders met wie ik kennismaakte op de nieuwe school. Het werd een niet heel vliegende start in dit nieuwe dorp. Tel daar een toekomst met plagerijen bij op die vanaf toen nog zo’n vijf á zes jaar zou gaan duren en toen ik eenmaal in mijn twintiger jaren belandde en trouwde werd alles nog eens dunnetjes overgedaan door een heel hartelijke schoonfamilie.

Onderhuids ontstond onbewust een niet fijne band met het dorp. Ja ik woonde er, nog steeds, en met plezier, nog steeds, maar alles met elkaar zorgde niet dat ik me er compleet op mijn gemak voelde. Ik ben best op mezelf en dat matchte daar prima bij. Daarnaast, al die mensen uit mijn jeugd vanaf toen bleven wonen waar ik woonde en die kwam je overal nog tegen.

En toch, toen ik gisteren zo rondliep en zag wat het dorp en omgeving me altijd te bieden had gehad en dat ik daar eigenlijk altijd heel blij mee ben geweest, vond ik dat het tijd was deze mening te herzien. Want natuurlijk is het zo dat je gevoel ergens bij, vaak gekleurd is door ervaringen. En aan een boel dingen kun je niks doen omdat er zoveel dingen juist onbewust gecreëerd worden. Maar, wanneer je ziet wat ergens de oorzaak van is kun je dingen bijschaven en bijstellen.

En dat moment vond gisteren plaats. Ik ZAG, ik zag IN en ik HERrzag. Is dat niet even mooi in een zin gegoten 😉?! Wat kan het dorp aan mijn ervaringen doen? Wat kan een dorp doen aan een gevoel wat op mij is gaan zitten? Juist. Niks. Dus, “Hallo dankbaarheid!”. “Hallo tevreden gevoel!”. “Hallo thuiskomen!”. Want per slot van rekening staat dan wel niet mijn wieg maar wel een heel groot gedeelte van mijn jeugd tot op heden (late jeugd vind ik persoonlijk wel mooi klinken) in dit mooie plaatsje.

Het is fijn om zulke momenten te ervaren. Ik denk dat zulke dingen te maken hebben met de seizoenen van je eigen leven. En een beetje met de seizoenen waar we doorheen gaan. Soms is het nodig om afscheid te nemen van dingen die je niet meer dienen. Of nou ja soms, eigenlijk is dat altijd nodig maar doen we het te weinig. Dat eerder. En wanneer je dat niet loslaat drukt het op je schouders en sleep je het overal mee naartoe waardoor je maar lastig kunt openstaan voor andere en mooiere dingen.

Daarnaast kan een bepaald gevoel, ook al is dat niet een prettig gevoel, je een bepaald soort veiligheid bieden. Een bepaalde houvast. Vraag me niet hoe dat precies werkt maar het feit dat mensen hun meningen maar lastig bijstellen over dingen zegt eigenlijk een heleboel. Want waarom halsstarrig vasthouden aan iets wat eigenlijk niet meer past bij hoe je je voelt? Meningen en gevoel kunnen heel goed veranderen. Het is vaak je trots wat niet wil toegeven, je ego die niet wil buigen. “Ik vind dat nou eenmaal. Punt.”

Dus nu is het tijd om met wat meer compassie en dankbaarheid te kijken naar daar waar ik woon. Daar waar ik leef. Daar waar ik thuis ben. En dat de plek waar ik geboren ben een prachtige herinnering is én blijft die ik voor altijd zal koesteren. De plek waar ik leerde om daar naartoe te vliegen waar ik dat wilde en volledig mezelf kon en mocht zijn. De plek waar ik de wortels vond om uiteindelijk daar gelukkig te kunnen zijn waar ik mezelf ook mee naartoe neem.

Fijne dag xxx!